Tarantella
 

 

 

 

 

 

 

 

 


 

     

  

 

 

 

Heet in Heidelberg
v
Naar Rock Legends in Concert
8 - 11 augustus 2013
 

We planden een lang weekend rond het cadeautje van dochters M. en A.
Vierhonderdvijftig kilometer is het naar Heidelberg. Razend over de snelweg drie uur en vijftig minuten en als we Prius afbeulen en links en rechts de maximum snelheid negeren, kan´t nog sneller. Maar Lief J. en ik willen onderweg verrassingen tegenkomen. Onder hoge bomen rijden, slingerend klimmen en dalen, adembenemende uitzichten ontdekken achter elke bocht. En we willen genoeg tijd hebben om door beekjes te waden, gras onder onze voeten te voelen, tussen oude muren te dolen.
We ervaren graag de reis al als vakantie - zien die niet als middel om ergens te komen.
Daarom plantten Lief J. en zijn Marie een hoop via-punten langs de route naar het zuidoosten en boekten we op heen- en terugweg overnachtinghotels.
Zeshonderdtweeënveertig kilometer heenweg, vijfhonderdvijftig kilometer terugweg.
En nergens verspild, want zelfs het lelijke of het saaie zijn beter dan de gebaande Autobahnen.

 

8 - 9 augustus
Hotel Des Ardennes
Hohscheid (Luxemburg)

Op het terras waar we aperitief-biertjes dronken, troffen we het niet qua gezelschap. Om ons heen blèrden een marktkoopman uit Noord-Holland en zijn vrouw het leed dat crisis heet om zich heen, in een iets te geanimeerd gesprek met een vrachtwagenchauffeur uit Vianen en zijn veel zachter gestemde vrouw die helaas maar af en toe an het woord kwam. Toen er over de koopwaar niets meer te vertellen viel en toen de chauffeur ook zo gauw geen anekdote meer kon verzinnen, kwamen de ziektes ter tafel. Suiker had ie, de marktman. En hij was al dertig kilo afgevallen en hij woog nu nog honderdtien kilo en ja, dat was nog veel te zwaar, maar hij bunkerde gewoon lekker door hoor, want met een zooitje medicijnen had ie 't allemaal best onder controle. En anders kon er altijd nog gespoten gaan worden.
We lachten er maar om, Lief J. en ik, hoewel ook de vliegenplaag, die volgens de hoteleigenaresse door de hittegolf was uitgebroken, de bierpret aanzienlijk verziekte.
Het luidruchtige viertal was gelukkig punctueel voorgeprogrammeerd tot eten om half zes, zodat we van het ergste geschreeuw verlost waren, maar op hun plek nam een stel plaats. De man praatte nauwelijks, gaf alleen af en toe bescheiden antwoord, maar de vrouw, gewapend met een stapel reisgidsen, tetterde alle bezienswaardigheden tot op vijftig kilometer afstand over de tafel en vroeg telkens: Lijkt je dat leuk? Ja hè? Zonder vervolgens acht te slaan op zijn reacties en driftig aantekeningen makend op een enorme collegeblok. En passant becommentarieerde ze ook nog even de mankementen van het hotel - Slecht hè, dat de rookzone niet echt is afgescheiden van het restaurant! waarop hij achteloos een sigaret opstak - en de misère van de kerkklokken die haar die ochtend vroeg, veel te vroeg, gewekt hadden. Ik had haar graag verteld dat als je zelf bimbamt als een zware klok, je geen recht van spreken hebt, maar daar ben ik dan weer te fatsoenlijk voor.
Of nee, te laf waarschijnlijk.

 

8 - 9 augustus
Hotel Des Ardennes
Hohscheid (Luxemburg)

Nee, het uitzicht was niet fraai en 's morgens vroeg hoorden we de tetteraars van het terras op hun dichtbij gelegen balkons alweer naar elkaar schreeuwen, maar naast onze kamer stond - te midden van allerlei prullaria - een fauteuil en achter die fauteuil hing een grote spiegel met motieven.
En we hadden een bank!
(De laatste foto verraadt wat we daar mee deden...)
Toen we 's nachts uit de bar kwamen, bleek er wel een klein probleempje: ik was m'n contactlenshoudertje vergeten. Gelukkig hoorden er twee Sekt-glazen bij de inventaris en die deden prima dienst. De linker in de linker en de rechter in de rechter - keurig naast elkaar, hoog in de garderobekast.
Lief J. had dat inventief verzonnen. Had er alleen geen erg in gehad dat de lenzen er te diep in zaten voor mijn toch best lange vingers. Ik kon ze er alleen maar uit schenken, wat nogal een hachelijke onderneming was. 

 

8 augustus
Restaurant Hotel Des Ardennes

We kozen allebei de boerenomelet, die rijk gevuld bleek met aardappels, olijven, tomaten, ham en kaas.
Bijgerecht: frites en zonder dat we er om hoefden te vragen: mayo.
Met een frisse wijn uit de streek; speciaal voor ons uit de kelder gehaald.
En dat alles op een mooi met linnen loper gedekte tafel, romantisch versierd met bloemblaadjes.


De Franstalige ober deed gedresseerd zijn kunstjes in het Duits. Ik had 't 'm al aan andere tafels horen zeggen: Na, alles aufessen, was, sonnst gibts kein Nachtisch.
Maar later, bij ons, toen de helft van ons eten was blijven staan en we uitlegden dat het nogal een machtig geheel was, lachte hij met een vette internationale knipoog: Jaja, viele Eier...!

 

  Op Zoek  

8 augustus
Café/Bar Hotel Des Ardennes

De nacht was al een poosje gevorderd, toen ik door schimmig verlichte hotelgangen doolde.
Er dook een man naast mij op.
Ben jij ook op zoek? hijgde hij in mijn gezicht.
Nou en of ik zoek! antwoordde ik en sloeg een nieuwe, nog donkerder gang in.
Hij kwam me na.
Begrijpelijk misschien.
Ik ben vanmiddag ook geweest, maar nu kan ik 'm niet meer vinden, vertelde hij vertrouwelijk. Zullen we hier eens kijken?
Hè? Wé?
Hij zocht de wc, ik zocht de wc. Maar zijn we dan wé?
Ga weg, ik zoek het zelf wel uit, dacht ik, maar ik ben veel te aardig om dat dan te zeggen en bovendien overtuigde hij me van zijn goede bedoelingen, galant voorgaand, een nieuwe bocht om. Tevergeefs probeerde hij daar een deur te openen en kwam melden: Hier is 't ook niet...
Nou, ik geef 't op hoor, besloot ik, ik ga wel naar m'n kamer. Trots op m'n list rammelde ik demonstratief met de sleutel.
Maar: helemaal enthousiast werd hij: Oh! Kan ik, eh, mag ik, eh, zou ik dan ook....
Jieg, néééééé! schrok ik en ik holde de trap op en nummer 1 in, hem verbluft achterlatend.
Pas later realiseerde ik me hoe ontzettend onaardig dat was. 


 

9 - 10 augustus
Achat Hotel Heidelberg/Schwetzingen

Een betere locatie was ondenkbaar: vanuit ons bed rolden we zo het kasteelpark in.

We hadden een fijne kamer met een waaier  (heel lekker gezien de hoge temperatuur) en ook nog koffie en thee, maar daar gunden we ons geen tijd voor.

Alles was echt keurig, maar wat maakte ik er weer een troep van. Eigenlijk ben ik heel ordelijk, maar als je leeft uit koffers en tassen en je moet telkens graven om iets te vinden, dan komt er vanzelf steeds meer op tafels en stoelen te liggen.

Proeves van bekwaamheid met de spiegels.
Uiteindelijk toch maar Lief J. gevraagd.
En die deed het beter. Zonder spiegel.


 

  Legendarisch  

9 augustus
Kasteelpark Schloss Schwetzingen

                                                                                             foto: geleend van de officiële website
Luftaufnahme von Schloss und Schlossgarten Schwetzingen

.

 

SET LIST

* Living in the past
* Beggar’s farm
* Thick as a brick
* Mother Goose
* Banker bets, banker wins
* Cross-eyed Mary
* Bourée
* Too old to rock’n’roll
* Songs from the wood
* Hunting girl
* My god
* Budapest
* Aqualung

----------------------

* Locomotive breath

 

 


 


 

Ooooooooooow!!!
Wat een feest...
Betoverende coulissen, midden in de sprookjesachtig mooie kasteeltuin van het barokke slot, omlijsten het concertveldje.
Klein.
Intiem.
Helemaal niet druk.
Precies goed.
Zes uur en nog warm. Het publiek ligt her en der lui verspreid in het gras en wij nestelen ons voor de tent met mengpanelen en lichttechniek. We hebben geen zin in de gereserveerde zitplaatsen. 
Naast ons twee aardige Duitse rockers. Noike in der Koike, doen ze trots tegen ons, los gekomen met behulp van vele halve liters drank.
Duits-gründlich begint Lake op tijd, maar Lief J. en ik vinden er niks aan en zijn blij als Steve Harley het overneemt. Ik moet die band volslagen vergeten zijn of ik heb nooit goed naar hun muziek geluisterd. Maar wat een lekkere verrassing. Met George Harrison's Here Comes The Sun als intro, gevolgd door anderhalf uur melodische rock, een geniale violist en Engelse humor om zich ontspannen door een gebroken snaar heen te babbelen. Sebastian was zo ongeveer overal een tophit, vertelt hij met de nodige ironie, maar niet in vaderland Engeland, want de fucking radio daar weigerde de plaat te draaien. Too long. Maar mij kon het niet lang genoeg duren. Wat een fantastisch nummer, wat een grandioos inspirerende uitvoering.  

 Hier wilde ik een Joetjoepvenstertje plakken, maar het werkt niet.
Daarom een gewone link naar een stukje film dat we maakten:
http://www.youtube.com/watch?v=WpC4qBBI7d8&feature=youtu.be

Overtreffen kan haast niet, maar ik danste me ook nog zingend en klappend door Come Up And See Me heen.

En dan is daar Ian Anderson.
In de beroemde flamingohouding fladdert hij over het toneel en maakt van de dwarsfluit een heavy metal instrument.
Wat een feest, o, wat een feest is dit.
Zoals ieder ander praat met z'n stem, zo praat hij met zijn fluit.
Een minstreel.
Een rattenvanger!
En ik hol bezield achter hem aan.
Uit het brave publiek komt soms even een zwaaiende arm omhoog; er is een enkeling die meeklapt. Maar de meesten ondergaan de muziek, in plaats van 'm te beleven. De enthousiaste man naast mij en ik lijken de enigen die dansen, springen, juichen en meezingen.
Budapest, dat eindeloos mooie liefdesliedje... en de Bourée natuurlijk.
Too old to rock'n'roll?
O nee, gelukkig niet!
Bij de toegift: Locomotive breath staan we vooraan en moet ik naar adem happen...

                                         

In dit land van bierdrinkers tappen ze natuurlijk halve liters bier, maar ook de rosé schenken ze in zo'n hoeveelheid. En dan nog half zoete ook. Er viel niks te kiezen.

 

Het assortiment eten bestond uit Wurst, Rote, of een Burger met uislierten. Benieuwd koos ik de Rote,
maar dat bleek ook een Wurst te zijn. Het verschil met de Wurst van Lief J. was te subtiel voor mij.

 

10 - 11 augustus

Hotel Am Wald, Monheim am Rhein

Ian Anderson zat al in een vliegtuig naar een nieuw publiek, het podium was al bijna afgebroken en de euforie had plaats gemaakt voor de blues van het afscheid. Met de klanken van Budapest nog zoemend in m'n hoofd, zei ik het wondermooie kasteelpark gedag.
Langs de Rijn reden we. Weer langs de sprookjeskastelen en de ruïnes. Nog eens de magie van het Rheingold, de poëzie van Loreley en het Nibelungenlied. Wat een geluk is het dan dat Lief J. en ik samen zo goed kunnen zwijgen zodat ik kon  zwijmelen, met in m'n hoofd nu een vleugje Wagner, vermengd met Ich Weiss nicht wass soll es bedeuten en een portie Du, omdat er nog steeds flarden van de affiches hingen. Later, toen ik weer terug was op aarde, lunchten we uitgebreid in Kamp-Bornhofen, waar Prius bijna z'n neus stootte tegen een onvoorzien hoge stoeprand.
Veel verderop, voorbij Keulen en al bijna in Düsseldorf, bleek het hotel met de veelbelovende naam op een bedrijventerrein te liggen, in een teleurstellend trieste omgeving. Zo helemaal niet wat ik in gedachten had toen ik dit boekte bij wijze van afsluiting van dit heerlijke uitje. Maar 't was wel alles wat er aan mankeerde, want de kamer, het terras, het restaurant en vóór alles de receptioniste - die Lief J. en ik allebei mee naar huis wilden nemen - waren helemaal perfect.

De gebruikelijke zooi...

...maar wel een prachtige bos bamboe voor het raam.

Niet afgeschrikt door de naam koos ik een Herrentoast, Lief J. spaghetti Bolognese en samen namen we natuurlijk een Caprese. De ober vond er helemaal niks geks aan. Of liet dat niet merken en verwende ons in elk geval wel met een bijzondere 2007-Rioja. Uit een speciale voorraad, vertelde hij, die zo ver weg verborgen had gelegen, dat iedereen 'm vergeten was.
Helemaal alleen waren we, op het terras en in het restaurant. Maar hij vond ons spezielle liebe Gäste en er was niemand die ons wegkeek, ook niet toen het toch weer laat werd met een tweede fles. 't Was dus eigenlijk al een fantastische avond...

...en die werd nog veel beter.
In onze kamer stonden nóg zo'n fles Rioja en een watertje te wachten. Met de complimenten van de mooie receptioniste. Een compensatie, omdat we koud hadden moeten douchen. Hoewel ze had zich daarvoor al uitgebreid had verontschuldigd en ons een andere kamer had aangeboden. Maar het werd nog beter, want midden in onze verbazing over deze topservice, werd er op de deur geklopt. Het bleek nog zo'n zeer  aangename dienstverlening: Lief J. had z'n sleutels in het restaurant laten liggen en de receptioniste kwam ze terugbrengen...
't Koude water was helemaal niet meer vervelend.

 

  Déjà Vu  

11 augustus

Brüggen

Ergens in de afgelopen pakkembeet vier jaar moet er iets mis gegaan zijn met m'n richtingsgevoel en korte-termijn-geheugen, want m'n receptoren seinden me pas in, toen we het stadje waar we een burcht zouden gaan zien, al ingereden waren. Toen had ik pas zoiets van ... Vreemd vertrouwd voelde het. En toen we de hoofdstraat in liepen, wist ik het zeker: ik was hier al eerder. En dat dat niet in een of andere illusionistische toestand was, dat werd duidelijk toen ik Ristorante Tarantella zag. Kijk maar: 14 juni 2009.
't Is een stadje met plekjes waar ik blij van wordt. Oké, er is ook die markt met stoffige garens en broeken met taille-elastiek, maar er zijn ook vijfendertig mooie terrassen, een prachtige burcht met omringend park, een oliemolen en een stadpoort.

 

11 augustus
begin van de middag

Breetse Peelweg

Maasbree

Er waren daar intrigerende fundamenten, maar we vergaten een foto te maken van het verhelderende bord, zodat ik nu niet meer weet wat voor bouwwerk daar ooit gestaan heeft.
Maar het pad er achterlangs was minstens zo intrigerend en ik voelde me geroepen.
Heerlijk, zonder schoeisel door het Peelzand.




 

 

- 4 september: eindelijk af... -



 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

******
***
*

 

12, 13, 14,15, 16, 17, 18, 19, 20, 23, 29, 30 augustus, 3, 4 september 2013

 

Spinsels, weblog van Tarantella

 



 

 

 

 


 

 

 


 

  

free hit counters